|    Registreren
   

foto copyright le loupLe Loup - Family: voortdurend twijfelen tussen de regendans en busken in een drukke winkelstraat

Le Loup was op - even naar adem happen - ‘The Throne of the Third Heaven of the Nations' Millennium General Assembly’ uit 2007 nog een éénmansaangelegenheid. Sam Simkoff in een slaapkamer met een synthesizer en een computer. Voor de opnames van het tweede album (‘Family’) haalde Simkoff er vier nieuwe muzikanten bij en onder het motto “We gaan ne keer zot doen” liet het gezelschap zich vrijwillig opsluiten in een barak in North Carolina, ver weg van de bewoonde wereld. Zonder internet, tv of communicatie met wat ze in Big Brother ‘De Buitenwereld’ noemen. De elektronische instrumenten werden thuisgelaten, omdat de band op zoek wou naar een, ahum, ‘organisch geluid’. Lees: harmonieuze gezangen, tribale ritmes, wazige songstructuren en heel wat beredeneerde gekte. Indiefolk volgens de richtlijnen van het Grote Pitchfork Indiefolkhandboek. Het geheel ruikt behalve naar wierook, patchoelie en - horen we daar een sitar? - ongewassen geitenwollensokken ook een beetje naar plagiaat, want Le Loup (uit Baltimore) speelt handig leentjebuur bij stadsgenoten Animal Collective. Hippiepsychedelica, freak- en spacefolk zijn hip en dat lijkt Simkoff maar al te goed te beseffen.

Goochel met termen als ‘organisch’ en ‘tribaal’ en je denkt al gauw aan bio- en andere eco-hypes. ‘Family’ is een plaatje dat bij wijze van spreken met een Fair Trade-sticker op de hoes in de rekken van een Oxfamwinkel kan, tussen de Maya nougat en de Nepalese biokruidenthee. Wil dat dan zeggen dat het album alleen geschikt is om als soundtrack te dienen bij een zweetsessie in je zelfgebouwde zweethut? Welnee, zó erg is het nu ook weer niet. We hebben onze tanden de afgelopen weken behoorlijk stukgebeten op het album, en stelden vast dat ‘Family’ in beperkte doses best te pruimen is. Op sommige songs schemert zelfs een flard genialiteit door de door Le Loup opgetrokken regenboogkleurige waas heen, zoals het minimalistische en eindeloos herhaalde afrogitaarloopje in ‘Sherpa’, de korte pianohymne 'Golden Bell' en de kristalheldere Beach Boys-harmonieën in de gezellige kampvuurstamper 'Neahkahnie'. Dat dat laatste nummer je bekend in de oren klinkt is trouwens niet vreemd, want 'Beach House' - aan het begin van 'Family' - is dezelfde song als 'Neahkahnie', maar in een ander, vuiler kleedje. Tweemaal dezelfde (toegegeven: uitstekende) song op één plaat, dát was nu ook weer niet nodig. Op de overige acht songs twijfelt Le Loup voortdurend tussen de regendans en busken in een drukke winkelstraat. Nooit tenenkrullend slecht, maar zeker niet onmisbaar. Een zoethoudertje voor mensen die écht niet kunnen wachten op nieuw werk van Animal Collective of pakweg Tunng en genoegen nemen met iets minder dan het origineel.

Ons oordeel: 3/5

door Gabriel M

Links:
Le Loup MySpace
Le Loup homepage
Verdeeld door Munich Records

Meer Indiestyle

foto copyright twitter

copyright facebook

 copyright last fm

Contact    |    Copyright 2010 Indiestyle.be     |    Privacybeleid    |    Gebruiksovereenkomst