Interview Helder: ik probeer weg te blijven van te duidelijk hoorbare invloeden

door Sven Volckerijck

Eerder dit jaar bracht Helder een derde album uit, ‘The Rhythm Of Change’, dat we bij Indiestyle recenseerden. Op één van die met zon en regen afgewisselde namiddagen begin juli spraken we met hem op een Gents terrasje.

Indiestyle: ‘The Rhythm Of Change’ is het derde deel van een trilogie. De andere albums zijn echter heel moeilijk te vinden. Wat is voor jou de verbinding tussen de drie albums, wat maakt hen tot een trilogie?
Vooral de sound van die platen is dezelfde. Alles werd opgenomen met dezelfde apparatuur en het is allemaal ook helemaal DIY. Bij elk van de albums heb ik het hele project zelf beheerd, ingespeeld, gemixt, enzovoort. Alles, van a tot z, deed ik zelf en als er guests meewerkten, deden ze exact wat ik hen vroeg. Dat was natuurlijk allemaal erg intensief, en ik liet ook geen feed-back toe. Die intensiteit maakt ook dat ik besloot om het af te ronden na nummer 3.
Bovendien zijn de platen ook inhoudelijk coherent. Ze zijn telkens erg persoonlijk, een soort dagboeken van mijn leven. De thema’s zijn dan ook erg introspectief, en natuurlijk speelt ook de liefde een grote rol. Eigenlijk is elk van de albums een verwerkingsplaat geworden.

Indiestyle: Wat zijn je verdere plannen, nu je besloot dit als een afgeronde trilogie te beschouwen?
Misschien ga ik nu wel iets doen met een band. Ik hou er sowieso van om heel verschillende dingen te doen. Dat werkt minder verstikkend, en het geeft me ook het gevoel dat ik op die manier diverse talenten kan ontwikkelen en benutten. Zo vind ik het ook erg tof om korte opdrachten te krijgen, bijvoorbeeld voor theater. Dat zorgt ervoor dat je ook eens op een andere manier werkt en andere dingen uitprobeert.

Indiestyle: Wat deed je nooit eerder en zou je graag eens willen doen?
Heel graag zou ik eens met een groot orkest, met pauken, cello, klarinet en dergelijke meer een eigen compositie spelen.


(foto Greet Goossens)

Indiestyle: Je werkte voor deze platen met heel diverse muzikanten samen en je speelde ook al in verscheidene bands. Met wie zou je graag nog eens samenwerken, als je helemaal geen restricties had?
Ik kan eigenlijk wel een lijstje samenstellen van muzikanten en producers waarmee ik, mits genoeg budget, met plezier zou samenwerken. Ik ga geen namen noemen, maar eigenlijk moet ik er misschien ooit eens werk van maken en het hen toch eens vragen, want al bij al is veel mogelijk als je maar durft te vragen.
Internationaal zou ik, als er dan toch geen beperkingen zijn, maar al te graag samenspelen met Led Zeppelin, The Beatles of Queen. Het lijkt me overigens bijzonder fijn om met een zeer goed ingespeelde band te mogen spelen, zoals met Crazy Horse.

Indiestyle: Wie beschouw je zelf als je grootste voorbeelden en van welke invloeden zouden veel mensen verbaasd zijn?
Het is erg moeilijk om te zeggen wie nu precies mijn grootste invloeden zijn. Al van kindsbeen af luisterde ik naar heel veel muziek (toen vooral onder meer Queen en Abba) en alle rock en pop uit de jaren ’60 en ’70 (artiesten als Neil Young, David Bowie en The Beatles) zijn van belang geweest. Ik ben later ook enorm beïnvloed geweest door de field recordings van bijvoorbeeld Alan Lomax, die heel wat Amerikaanse folk registreerde. Die invloed hoor je duidelijk in de eerste twee platen, waar ik ook meer banjo en mandoline in gebruikte.
Ik luisterde ook wel naar klassieke muziek en heavy metal, maar die zou ik zelf ook niet meteen als muzikale invloeden noemen.
Overigens probeer ik weg te blijven van te duidelijk hoorbare invloeden in mijn muziek. Als een nummer bijvoorbeeld teveel op de Beatles gaat lijken, probeer ik een draai te vinden die weer weggaat daarvan.

Indiestyle: Niet alleen muzikaal, ook in wat eromheen komt kijken, neem je veel in eigen handen, onder meer door het uitbrengen in eigen beheer onder de naam “Jarko”. Waarom koos je daarvoor?
Ah ja, “jarko” is Russisch voor “helder” (Helder studeerde slavistiek). Ik wou inderdaad de volledige controle houden over mijn muziek, en zo komt het dat ik alles zelf doe, behalve distributie: zorgen dat mijn albums in de winkel liggen. Het blijkt wel allemaal erg lastig, omdat er zoveel bij komt kijken, en dat allemaal komt bovenop wat ik eigenlijk wil doen.
Ik heb het geleerd met vallen en opstaan, door goed rond te kijken bij de groepjes waarbij ik speelde en door mensen aan te spreken en te bevragen. Er zijn trouwens nogal wat mensen in mijn omgeving zelfs kwaad omdat ze vinden dat ik daardoor mijn actieradius zelf beperk.
Ook de website en de sociale media doe ik zelf, het ontwerp voor de website is wel door iemand anders gemaakt.

Indiestyle: Voor het artwork van ‘The rhythm of change’ werkte je samen met Dooreman. Hoe verliep dat?
Dooreman is één van de besten als het op lay-out aankomt, misschien wel de beste in ons taalgebied. Je kent hem wellicht van de typografie voor het stadsgedicht van Tom Lanoye aan de Boerentoren, en hij won prijzen voor zijn lay-outwerk voor het NTG.
Hij liet me kiezen uit bestaande tekeningen in zijn atelier, en de tekening met de contrabas sprak me het meest aan. De aspecten die me aantrokken, waren het desolate, het winterse en de uitstraling van de einzelgänger.

Indiestyle: Waar zit volgens jou het verschil tussen de albumversies en de live-versies van je nummers?
Intussen heb ik al enkele optredens gedaan met een band, en eigenlijk was de muziek nog nooit eerder zo gespeeld, omdat tijdens de opnames alles natuurlijk afzonderlijk opgenomen wordt en niet samen ingespeeld wordt. Zelf vind ik dat het live allemaal ook organischer klinkt, en ik hoor dat er meer ruimte is voor improvisatie door de andere muzikanten, zelfs al spelen ze de muziek die ik schreef ongeveer zoals ik dat van hen wil.
Soms zijn de mogelijkheden ook gewoon anders, waardoor het anders gaat klinken. In ‘On The Lake’ bijvoorbeeld klinken de drums op plaat zeer zacht, terwijl ze live net heel hard klinken, met stokken. Ook merk ik dat we elkaar opstuwen tijdens zo’n optreden, waardoor het ook luider en harder klinkt.

Indiestyle: Op plaat speelde je zowat alle instrumenten zelf in. Welke instrumenten speel je live?
Ik speel akoestische gitaar, dobro, accordeon, ukelele, banjo en mondharmonica, en uiteraard zing ik ook zelf.

Indiestyle: Op welke manier ben je, behalve voor het maken van je eigen platen, met muziek bezig? Bezoek je (veel) concerten? Waarnaar luister je zoal?
Muziek en theater zijn de dingen waarvan ik leef, dus ik ben sowieso al professioneel heel veel met muziek bezig, heel vaak opdrachten.
De laatste jaren luister ik zelf nog weinig naar muziek, zeker naar nieuwe muziek. Af en toe worden mij dingen aangereikt door anderen, die ik dan beluister, maar ik ga er minder zelf naar op zoek. Als ik al luister naar muziek, is dat ook veel technischer. Stel dat ik hier nu muziek zou horen, dan zou ik meteen gerichter gaan luisteren naar hoe ze die songs gemaakt hebben, op welke manier ze bepaalde klanken of een sound gemaakt hebben, en veel minder naar het liedje als geheel zoals jij daar wellicht naar luistert.
In de auto, één van de plaatsen waar ik dan toch nog het vaakst muziek hoor, luister ik dan juist naar heel andere genres, vaak Klara of net heel commerciële zenders.
Artiesten van de laatste jaren die ik wel erg goed vind, zijn Midlake, Bon Iver en Blonde Redhead. Eigenlijk ga ik ook heel weinig naar optredens, enkel als het echt de moeite is. De hype van de dag laat ik liever aan mij voorbijgaan.

Indiestyle: Bedankt voor dit gesprek, en nog veel succes!

De recensie van het album kan je hier lezen.

Website Helder

Album verdeeld door Rough Trade