The Internet kiest voor zoutloze routine in de AB

door Bert Scheemaker

Het jaar is 2011 en te midden van de bloeiperiode voor muziekblogs broeit er iets in Los Angeles. Een collectief, dat zichzelf Odd Future Wolf Gang Kill Them All (OFWGKTA) noemt, zet de lokale scene op stelten. Al snel krijgen Tyler, The Creator, Frank Ocean en andere Earl Sweatshirts de wereld aan hun voeten. Ook deel van dat collectief: The Internet. Toen nog het duo Syd The Kid en aan de keyboards Matt Martians, tegenwoordig een heuse band met Steve Lacy. De tijden zijn veranderd.

En die laatste zin is eentje die we nog vaak voor ons uit zouden prevelen die avond in de AB. ‘Hive mind’, The Internet hun laatste album, scoorde goed het afgelopen jaar. De soul, funk en r&b tierden welig en Syd bewees nog eens dat ze een frontvrouw en rapster van wereldformaat is. Geen wonder dus dat de AB volledig uitverkocht was. Wat ons echter wel verwonderde, was hoe de AB reageerde op Syd.

Versta ons niet verkeerd. Syd is cool, talentvol, charismatisch en kan een ferm stukje zingen en rappen, maar om nu al compleet uit ons dak te gaan zonder dat ze iets gedaan had… We stonden in het begin vooral te kijken van het publiek en niet zo zeer van The Internet. Want waar de band niet meteen stomend van start ging – Syd worstelde tijdens ‘Dontcha’ nogal nadrukkelijk met de tape die meeliep – maakte dat het talrijk opgekomen publiek amper wat uit. Vroeg Syd om de handjes in de lucht te steken, dan deden we dat. Vroeg ze om te wuiven, bleek dat evenmin een probleem. Meezingen? “Bring it on“, leek de zaal te denken. Hell, mocht ze gevraagd hebben om onze bankkaartpincode, de AB had ze collectief opgehoest.

Een beetje een ietwat kritische houding had misschien wel gemogen van het publiek. Het hersenloos gehobbel achter The Internet was bij momenten zo storend dat de muziek er bijna in verdronk. Al moet gezegd worden, de band maakte zich er vaak schuldig aan. De setlist ging vlotjes over de vijftien nummers, doch denken we niet dat we er eentje gehoord hebben waar er niet op onze, al dan niet non-verbale, medewerking gerekend werd. Zelfs toen Syd verkondigde dat ze een vriendin had, werd er van dol enthousiasme gegild in de zaal. Voegde ze daaraan nog eens toe dat die vriendin in Californië leeft en geloof het of niet, uitzinnig gegil was haar deel. Kortom, we werden getrakteerd op een ‘feel good show’ waar enige kritisch geluid niet gewenst was. De tijden van Tyler, The Creator zijn “kill people burn shit fuck school” zijn duidelijk een vervlogen werkelijkheid.

En aangezien dat het publiek ontgaan lijkt te zijn, lijsten wij toch nog enkele bemerkingen op. Over het algemeen gaf The Internet geen slechte show. De band kent zijn stiel, Syd is van wereldklasse. Alleen had het allemaal wat meer mogen zijn. Prijsbeesten als ‘La di da’, ‘Come over’ en ‘Roll’ bleven sukkelen in een ongeïnspireerd straatje en ook de toppers van het vorige album ‘Ego death’ misten pit. Best leuk hoor, zo’n ‘Come around’ of ‘Curse’ waarin Lacy zijn glansrol opeiste, maar echt naar de keel grijpen deed het allemaal niet. Dat de fans van het eerste uur een beetje over het hoofd gezien werden (enkel ‘Dontcha’ van ‘Feel good’ en niets van ‘Purple naked ladies’) viel bij ons niet in de beste aarde.

Het gebrek aan tanden in de set was echter het grootste struikelblok. Tussen al die gloedvolle soul en funk moeten er betere ideeën bestaan om daar een spannende, interessante show van te maken. Nu kregen we een zoutloze brei voor de kiezen, waarin The Internet precies hun best deed om zo clean mogelijke versies van hun sterke nummers te spelen, waardoor zelfs kleine pareltjes als ‘Stay the night’ en ‘It gets better (with time)’ verdronken in tonnen goeie wil en aanspoelden op het strand der ‘slecht uitgewerkte live uitvoeringen’. De intensiteit, de urgentie en zelfs de wil om er iets speciaals van te maken ontbrak bij de band. Kwalijk kun je ze het amper nemen, daar ze bijna rechtstreeks van een tour in Australië in één door Europa gesukkeld zijn, toch hadden wij er meer van verwacht.

De meningen zijn dus verdeeld. Het publiek, vond het de max, wij waren iets minder overtuigd. Het continu bij het handje genomen worden en aangemaand worden tot participatie hoeft voor ons niet echt. Muzikaal zat het best wel snor, maar miste het wat pit, wat vuur en wat originaliteit in plaats van de bak vol clichés open te trekken als het op de liveshow aankomt. Alles bij elkaar opgeteld leek Brussel voor The Internet gewoon een volgende stop op het tourschema. Leuk en niets bijzonders in één. Een show die routineus afgewerkt werd. Of zoals Ariana Grande het zou zeggen: thank u, next.

In de Ancienne Belgique kan je binnenkort L’or Du Commun (12/04), Mahalia (18/04) Mark Guiliana Beat Music (30/04) aan het werk zien. Een volledig overzicht vind je op de website van de zaal.