Jason Molina reikt je met ‘Eight gates’ een kompas in zijn prachtige, maar eenzame schemerwereld aan

door Jonas Vandenabeele

Het is een broeierig hete nacht wanneer ik ‘Eight gates’ van Jason Molina voor de zevende keer opzet. De fluitende vogels op het eerste nummer in combinatie met de loden hitte doen me onwillekeurig aan ‘Ghost Tropic’ – een album dat Molina schreef onder zijn meest bekende alias Songs: Ohia. Het is het eerste nieuwe album na het overlijden van de artiest in 2013, maar de opnames dateren van 2008 toen Molina nog in Londen woonde, in isolement verwijderd van vrienden en familie. De titel van het album refereert naar de zeven poorten van Londen en de artiest creëerde een achtste poort, volledig de zijne. Bij de bekendmaking van het album overvielen twee gevoelens; enerzijds gelukzaligheid om toch nog nieuwe muziek te mogen horen van een briljant artiest die ons veel te vroeg heeft verlaten en anderzijds onzekerheid of de plaat geen flauw afkooksel zou zijn enkel en alleen uitgebracht om de kassa nog eens te laten rinkelen. De balans lijkt over te hellen naar die eerste: ‘Eight gates’ is een mooie aanvulling op het reeds uitgebrachte werk.

Het openingsnummer ‘Whisper away’ zet de toon op een erg atmosferische wijze. Enkele strijkers en pianotoetsen met lange drones vormen de ruggengraat terwijl Molina wat aan zijn snaren pulkt: Welkom terug in de schemerwereld van de getormenteerde bard. Die wereld ontvouwt zich verder op ‘Shadow answers the wall’ waar donkere snaren en opzwepende percussie het geheel begeleiden. Sterren zijn een terugkerend onderwerp in het werk van Jason Molina en hier vraagt hij zich “Would the stars be lookin’ down on me?” af. Het omgekeerde is ongetwijfeld waar.

Op ‘Eight gates’ wordt kundig gebruik gemaakt van lang uitgesponnen noten die traag aanzwellen of uitsterven in combinatie met een spaarzame bezetting en ingetogen gitaargetokkel. De klank is somber maar eerlijk zoals op ‘Old worry’ waar een cello en een orgel meer diepgang geven alsof ze traag en langzaam mee in en uit ademen met het nummer.

Enkele nummers zijn echter wat aan de korte kant en onafgewerkt om volledig op eigen benen te staan. Desalniettemin klopt in zijn geheel het plaatje wel. ‘She says’ trekt je mee de studio in aan de zijde van Jason waarbij je de conversatie die aan de take vooraf gaat mag luistervinken. In het kader van een postuum album kan de uitspraak “The perfect take is just, as long as the person singing is still alive.” dan wel tellen. Wanneer hij zijn treurzang inzet – enkel gitaar en stem – is deze al na anderhalve minuut afgelopen. We krijgen nog een prachtige inkijk in de studio op ‘Fire on the rail’ waarbij een diepsnijdende a capella intro gevolgd wordt door het aanslaan van een gitaar en naderhand elektrisch wordt. De volumeknop op de gitaar wordt opengedraaid waarbij je een discrete overgang krijgt van solo naar band.

‘Be told the truth’ is een hartverscheurende dirge waar het over en weer gaat tussen akoestische gitaar, orgel, cello en de pure stem van Molina. De instrumentatie en de vocalen kruipen onder je huid terwijl ze hetzelfde motief herhalen. Ook hier krijg je het gevoel dat er meer in het nummer zat; het nummer grijpt naar de keel maar laat te vroeg los. Na een fade-out komt het getjilp weer aan bod – door hemzelf opgenomen in Londen met zijn vierbandsrecorder.

‘Thistle blue’ is het laatste voldragen nummer en de voorlaatste op het album. De minimale en sombere bezetting maken de woorden van de zanger nog sterker. Molina’s stem trilt terwijl hij de poëtische tekst bedachtzaam overbrengt. Alle andere instrumenten zorgen voor een erg vertraagde blues waarvan de laatste noten wegzakken in de duisternis van de studio tot je de vogels terug hoort.

Door de rauwheid van de opname en het niet wegknippen van gedachten en ideeën die de artiest in de studio verkondigt, krijgt het sowieso al erg korte album wat meer body. Het is deze rauwheid en puurheid die Molina zo aangrijpend maken. Daarbovenop creëert het een intiem gevoel, je kan als het ware voor het laatst op bezoek bij Molina. ‘Eight gates’ is een kompas in de prachtige, maar eenzame schemerwereld van de artiest. Alsof de studio in Londen, en de magische achtste poort voor het grijpen liggen.

Postume woorden worden al snel profetisch, en met dit citaat uit 2003 is het laatste woord voor eens en altijd aan de artiest.

“Through the static and distance
A farewell transmission
Listen”