Dat Isabella Sophie Tweddle op haar 26e al een ervaren waarde is binnen de muziekwereld is een understatement. Sinds haar nominatie voor de BBC Sound Of…-lijst in 2016 bewandelt ze onder haar nom de plume Billie Marten haar eigen pad binnen de indiefolk. Op haar vijfde album ‘Dog eared’ laat ze horen dat die jarenlange ervaring haar geen windeieren heeft gelegd.
Wat meteen opvalt aan dit nieuwe werk is de collectieve aanpak. Marten laat voor het eerst anderen echt toe in haar wereld. Met Philip Weinrobe (bekend van onder anderen Adrianne Lenker, Kings Of Convenience en Buck Meek) achter de knoppen en muzikale bijdragen van onder meer Nuria Graham, Sam Amidon en Maia Friedman (Dirty Projectors) kiest de Britse resoluut voor de samenwerking. Daardoor klinkt ‘Dog eared’ voller en rijker dan eerder werk, al blijft de basis herkenbaar: haar immer warme stem in combinatie met een voorliefde voor sobere, introspectieve arrangementen.
Opener ‘Feeling’ zet meteen de toon met een tedere terugblik op haar jeugd. Begeleid door een dromerige gelaagdheid en Graham’s subtiele gitaarspel neemt Marten ons mee naar haar kindertijd: “Drawing roads into the sand / Falling deep into your hands / Barely grown enough to stand / And looking up at you”, bezingt ze hoe ze in slaap viel in de armen van haar vader. Ook ‘No sudden changes’ past binnen die intieme sfeerschepping. Mede dankzij de bijdrage van Shahzad Ismaily, die – net zoals hij eerder al deed voor Moses Sumney en Arooj Aftab – voor een vleugje magie zorgt.
De titel ‘Dog eared’ – een verwijzing naar ezelsoren in boeken – is een treffend metafoor. Elk nummer voelt als een gemarkeerd fragment, een bewaarde gedachte. Die zorgvuldigheid wordt versterkt door de opnamewijze: live, zonder koptelefoons. Het zorgt voor een warme, bijna tastbare sfeer waarin je de ruimte hoort ademen. Die aanpak komt het mooist tot uiting in ‘The glass’ waarin de rijke instrumentatie net zo krachtig spreekt als de breekbaarheid van Marten. Even later volgt het emotionele zwaartepunt van de plaat: ‘Leap year’, met een tekst waar je even stil van wordt: “I could’ve loved you / But the day’s already past / I could’ve seen you shine / But the moon just didn’t last.”
Toch mist het album soms wat spanning. De consistent dromerige sfeer zorgt voor een aangename luisterervaring, maar maakt dat de nummers wat in elkaar overvloeien. ‘Dog eared’ blinkt uit in subtiliteit, maar mist daardoor af en toe het verrassingseffect of een scherpere rand. Afsluiten doet Billie Marten in stijl met ‘Swing’, een nummer dat niet zou misstaan in het oeuvre van Conor Oberst. “Give me two tickets for the end of the Earth / It’s sold out,” zingt ze, het is een van de momenten waarin Martens woorden echt binnenkomen, maar ze tegelijk ook wat meer beweeglijkheid in het geheel brengt.
Op haar nieuwste telg toont Billie Marten zich een songwriter met de gevoeligheid van een dichteres en de beheersing van een doorwinterde muzikante. Het is geen vernieuwend of overweldigend album, maar Marten slaagt er wel in om zich langzaam onder je huid te nestelen. En dat is heel wat waard.
Billie Marten speelt op 10 oktober in de Botanique. Tickets en info vind je hier.