De tand des tijds zal het uiteindelijk uitwijzen hoe deze tijdcapsule gaat worden opgeslagen in het collectief. Maar voor nu, tussen veel op- en afgetrek, in onze redactie, is de balans opgemaakt. In 2025 kon een hit niet alleen uit je slaapkamer ontstaan, maar ook uit een zelfdenkende engine komend uit Californië, dan wel op TikTok of straight from the underground.
Enkele bands stegen die underground dan ook compleet te boven dit jaar. Meest in het oog springend: de vlammende punk van Turnstile die de muziekclubs achterwege lieten en de hogere regionen van festivalaffiches opzochten. Daarnaast: Cameron Winter die met Geese een resem intrigerende songs heeft uitgebracht.
Geen demon hunters in de lijst, wél een bont allegaartje aan popgirlies, vindingrijke post-punkers, noisey moeilijkdoeners, cowboys en artsy singer-songwriters. Hieronder vind je overigens een playlist om alles op een rijtje te kunnen (her)beluisteren.
Deze lijst werd opgesteld en geschreven door Eli Goldenburg, Eva Gutschoven, Ewout Pollaris, Jolien Wilke, Jonas Van Laere, Jonas Vandenabeele, Kobe Rombouts, Laurent Voet, Louis Van Keymeulen, Martijn Bas, Sarah Van der Straeten, Yannick Verhasselt en Zeno Van Moerkerke. Wil je meer lezen over Lijstjestijd 2025, dan kan dit hier. Visuals gemaakt door Louis Van Keymeulen en Jolien Wilke.
50. Deftones – Milk of the Madonna
“Holy ghost / I’m on fire / Holy spirit / I’m on fire (save me, save me, save me).” Chino Moreno is naast religieus ook al drie jaar nuchter. Zelf noemt hij die drooglegging één van de doorslaggevende succesfactoren van de nieuwe plaat. ‘Milk of the Madonna’ belichaamt die herwonnen energie van Deftones ten volle. Moreno is opnieuw de gepassioneerde brulboei die zijn stem laat weergalmen, al verjoeg hij eigenhandig alle ratten en plagen in het rioolsysteem van een grootstad.
Muzikaal is dit een nummer dat gemaakt is om massa’s in beweging te zetten én te houden. Het tempo ligt hoog, de ritmesectie levert een potig fundament en de riffs zorgen voor melodische scherpte. ‘Milk of the Madonna’ is het exponent van spirituele extase: rauw, bezwerend en onstuitbaar. (Jonas VL)
Beluister
49. Destroyer – Bologna (ft. Fiverr)
Dan Bejar, alias Destroyer, wil sjansen en dansen op ‘Dan’s boogie’. Met een dubby intro vol echo’s en een funky baslijn steekt ‘Bologna’ van wal. Het is met voorsprong de beste song op de plaat. De door een streepje parlando voorafgegaan “Night comes in on wings / that explains things.” vormt de kern van ‘Bologna’. Wat er zich in de bewuste Noord-Italiaanse stad afspeelde zullen we misschien nooit weten, maar de sfeerschepping van de met-echo-doordrenkte instrumenten en stemmen blijven lang na het luisteren nog hangen. (Jonas Vda)
Beluister
48. Ben Kweller – Dollar Store (ft. Waxahatchee)
‘Dollar store’ is een les in de quiet-loud dynamiek. Vocalist Kweller start met een ingetogen, bijna sombere reflectie op angst en hopeloosheid (“I’m looking at the sky, it’s raining / Cross legged on the bedroom floor / She’s sipping on a drink complaining / Begging on me for more, more”). Zijn zangstem stem is aanvankelijk zacht en terughoudend. Het refrein, waar Waxahatchee subtiel aan toegevoegd wordt, maakt het ingetogen duet compleet. Uiteindelijk (spoiler alert!) transformeert de hypnotiserende, fuzzy gitaarriff in een seismische muur van distortion terwijl Kweller’s stem emotioneel explodeert. (Eva)
Beluister
47. Wet Leg – pillow talk
“Every night I fuck my pillow, I wish I was fucking you”, en meteen barst ‘Pillow talk’ los in een explosie van gitaren. De Britse indierockband Wet Leg leverde dit jaar een knaller van een album af. En op die plaat prijkt dit intense en speelse hoogtepunt. Het nummer neemt je mee op een trip langs seksueel verlangen, frustratie en eenzaamheid. De simpele, maar speelse lyrics worden gecombineerd met humor en dat raakt precies op de juiste plek. Het nummer beschrijft een crush en vervolgens het intense verlangen naar deze persoon. Het balanceert perfect tussen herkenbaarheid en absurditeit. Wet Leg bewijst opnieuw hoe ze gevoelens kunnen verpakken in een speels en aanstekelijk jasje. (Jolien)
Beluister
46. Claire Rousay – Doubt
Claire Rousay beweegt door het leven met haar geliefde Zoom H5-recorder in de hand. Met alle geluiden van op de voor- en achtergrond slaat ze aan het componeren, en verweeft ze haar bevindingen in wat ze maakt. Uit die pluktuin van opnames komt ook ‘Doubt’, een spaarzaam en mystiek boeket waar pratende stemmen achteraan zweven en Rousay veel gevoel in weinig geluid weet te leggen. ‘Doubt’ stijgt langzaam op, als een sluier ochtendmist die traag vervaagt. Rousay laat ons luistervinken zijn, een welkom piepen naar de wereld daarbuiten vanuit het sleutelgat. (Sarah)
Beluister
45. Geese – Taxes
De band waar je dit jaar simpelweg niet omheen kon: Geese. ‘Taxes’ diende als voorsmaakje voor hun nieuwste album ‘Getting killed’, en achteraf gezien was dit een zeer logische keuze. Het is waarschijnlijk het meest catchy nummer van de hele plaat. Eerst wordt er langzaam opgebouwd met wat kletterende percussie, waarin frontman Cameron Winter z’n inmiddels gekende croon doet. De lyrics zijn zo heerlijk over-the-top en tegelijkertijd erg cryptisch. Wanneer de “You’re gonna have to nail me down”-regel wordt ingezet, verandert de song in een waar indie-rock anthem met een geweldige gitaarlijn waar ze ook nog wat vreemde maatsoorten in gooien zodat het nooit té gladjes wordt. ‘Taxes’ is een grandioos visitekaartje van een band die het ongetwijfeld nog ver gaat schoppen. (Martijn)
Beluister
44. Nilüfer Yanya – Kneel
Het zou zoëven de zelfgemaakte shaker met kroonkurkjes uit de kleuterklas kunnen zijn die je hoort aan het begin van Nilüfer Yanya’s ‘Kneel’. ‘Kneel’ vormt het begin van de uitstekende – en misschien wel zeer onderschatte – ‘Dancing shoes’ ep. Yanya zingt ons toe met haar flusiterstem tussen de helder dansende gitaren: “Our bodies woven / We’re healing when nothing is spoken”. We hebben dit jaar niet veel meer ontwapenende teksten dan dit gehoord. Het samenspel tussen de tokkelende gitaren en de zachte stem van Yanya is subliem. De heerlijke outro is de beste intro voor de rest van de ep om duimen en vingers bij af te likken. (Jonas Vda)
Beluister
43. Wet Leg – Catch these fists
Rhian Teasdale maakt al langer duidelijk dat ze mannen die haar lastigvallen tijdens het uitgaan niet hoeft. In plaats van echter dezelfde slimme, speelse, kwinkslagvolle sluwheid te gebruiken die Wet leg bij hun debuut tentoonstelden, hanteren ze nu de poëtische kunst van de brute kracht. De zachte middelen zijn uitgeteld en aan alle mannen die het nu nog niet begrijpen is een vuist op de slaap het aangewezen middel. Muzikaal is het echter nog steeds even strakke rock als weleer. De opmerkelijke, catchy gitaarriff die tiert terwijl Teasdale omstanders waarschuwt dat er “man down” is, mag een hoogstandje genoemd worden. (Louis)
Beluister
42. Blood Orange – Mind loaded (ft. Lorde, Caroline Polachek & Mustafa)
Met een zachte passage, brengt Blood Orange op ‘Mind loaded’ veel van hetgene dat zijn plaat ‘Essex honey’ zo gevoelig maakt. Er ligt een dikke laag op van iets dat zweeft tussen nostalgie, aanvaarding en broze vooruitzichten op iets beters. Strijkers verbreden de intro en alles lijkt een hele specifieke tint sepia te krijgen. Ergens tussen een vergeelde fotoboek en het zonlicht van de volgende dag. Het tempo in het refrein trekt er terug balans in. Caroline Polachek haar sopraan tussendoor is de mooiste versiering en Lorde springt bij met een verwijzing naar Elliott Smith’s ‘Everything means nothing to me’. ‘Mind loaded’ zit propvol zonder te barsten en verliest zichzelf niet in te veel willen doen. (Sarah)
Luister
41. Cate Le Bon – About time
Cate Le Bon is tegenwoordig een veelgevraagd producer en weet maar al te goed hoe ze een song de nodige opsmuk moet geven. O ook aan haar eigen single ‘About time’. De song lijkt aan de oppervlakte misschien erg simpel te zijn, maar wie goed luistert zal een productioneel hoogstandje ontdekken. Meerdere gitaarlijnen zijn met elkaar verweven en er wordt gretig gebruikgemaakt van delay-effecten. Op een subtiele en bitterzoete manier laat Le Bon ons weten dat ze aan een nieuw hoofdstuk in haar leven begonnen is, zonder haar voormalige partner. Dit is hoe new wave anno 2025 klinkt. (Martijn)
Beluister
40. Heartworms – Jacked
Het meest opzwepende nummer uit Heartworms’ debuutplaat is ‘Jacked’. Ze wordt gedreven door een meeslepend, onverbiddelijk ritme dat aanvoelt als een militaire mars. De dreigende bas en repetitieve gitaarlijnen doen de rest voor het creëren van een gespannen, claustrofobische sfeer. Wanneer Jojo Orme begint te zingen – spoken word is een betere beschrijving – blijft het mantra van haar woorden in je hoofd zweven. Bewegen is aangeraden om je van een eventueel ongemakkelijk gevoel te bevrijden. (Eva)
Beluister
39. Blood Orange – The field (ft. The Durutti Column, Tariq Al-Sabir, Caroline Polachek & Daniel Caesar)
Het dromerige ‘The field’ is niet toevallig de eerste single van langspeler ‘Essex honey’. De gitaar brengt je direct in een rokerige sfeer, de drums duwen het geheel naar een losse bijna funky groove, en de verschillende stemmen vermengen moeiteloos. Af en toe valt één van die elementen (gitaar, drum, zang) uit, wat je heel de tijd op het puntje van je stoel houdt. (Eva)
Beluister
38. Rosalía – Berghain (ft. Björk & Yves Tumor)
‘Berghain’ is een gedurfde en atmospherische track waarin Rosalía flink experimenteert met drama en klassieke elementen. Het nummer komt van haar nieuwe album ‘LUX’ en voelt als een intense rit door stijl en emotie, met orkestrale stijgingen, opera-achtige zang en elektronische lagen. Rosalía wordt hier bijgestaan door Björk, die met haar unieke stem een mystieke sfeer creëert. Yves Tumor’s bijdrage voegt dan weer een experimentele energie toe. Samen maken ze van ‘Berghain’ geen standaard popnummer, maar een kunstzinnige, beklijvende ervaring die tussen genres zweeft. (Laurent)
Beluister
37. Underscores – Music
Het leek wel alsof de hyperpopvlam in het muzieklandschap even snel uitdoofde als ze opgelaaid was. In principe leeft het genre wel degelijk nog, maar heeft er een evolutie plaatsgevonden. ‘Music’ is hier een mooi voorbeeld van. De autotuneknop staat nog steeds vrij hoog en de dreunende bassen zijn ook gebleven, hoewel iets meer ingetogen. Feestbare clubmuziek heeft hyperpop omarmd en enigszins toegankelijker gemaakt voor de doorsnee popliefhebber. Dit is niet opzettelijk gebeurd, maar organisch.
Dat gegeven, samen met haar liefde voor talloze andere genres, bezingt April Grey op directe en indirecte wijze in deze single. Het is een ode aan muziek als universele kunstvorm onder een mantel van liefdesrhetoriek, en een uitgestoken hand naar allen die geen dag zonder kunnen. Je zou denken deze single op clichés te kunnen betrappen, maar zelfs nadat je alle lagen van deze track hebt ontleed, zul je er niet in slagen. In plaats daarvan zul je gewoon samen met Underscores en de voltallige Indiestyleredactie “Music, it’s everything to me” uitschreeuwen.
Beluister
36. Saya Gray – HBW.
Groots en intens, Saya Gray valt liefdesverdriet aan zoals het op z’n hevigst kan binnenkomen. Met vervormde stem snijdt ze door ‘HBW.’, een wake aan een voormalige toekomst. “I’m an outfit you change into” is jammerlijk, maar zeer fijne beeldspraak. Net als de bloemetjes die ze elke week op de begraafplaats in haar dromenland gaat leggen. ‘HBW.’ is hartzeer als werkwoord, iets waar je jezelf een weg doorheen werkt middenin hoge golven gevoel. Gray gooit vanalles op een hoop maar geraakt er niet in verstrikt. Het wordt een delicaat kantkloswerkje en geen hopeloos verstrengeld hoopje draad. (Sarah)
Beluister
35. Olivia Dean – Man I need
De aanstekelijkheid en flair waarmee ze op het podium staat, straalt simpelweg door in haar muziek. Wanneer Dean zingt, lijkt het alsof de wereld er weer net een tikkeltje rooskleuriger uitziet. Daarbij is ‘Man I need’ zowat de beste kruisbestuiving tussen (sophisti-)pop, soul en gospel en een greintje new wave die we in tijden hebben gehoord. Al is haar zijdezachte stem en de glimlach, die je bijna doorheen de speakers kunt horen, de ster van de track. (Yannick)
Beluister
34. Fontaines D.C. – It’s amazing to be young
Na triomfjaar 2024 waarin ze met album ‘Romance’ definitief de weg vonden naar het grote publiek – getuige daarvan hun fantastische doortochten op Rock Werchter en in Vorst Nationaal – serveert Fontaines D.C. met ‘It’s amazing to be young’ een smakelijk toetje. Revolutionair is het nummer niet, al het sluit wel perfect aan bij de evolutie die de band de laatste jaren heeft ondergaan: van rauwe post-punk, naar breed gedragen, emotioneel resonante rock. Met als inspiratie het pasgeboren dochtertje van gitarist Carlos O’Connell, is het een warm en oprecht nummer geworden dat het perfecte tegengewicht biedt aan een steeds cynischer wordende wereld. (Eli)
Beluister
33. ECHT! – Boilerbeek
“ECHT! slaat resoluut een nieuw pad in richting boiler room”, schreven we in april over ‘Boilerism’, de nieuwe plaat van het Brusselse ECHT!. Dat de jazzcats niet vies waren van een kruisbestuiving met hiphop en elektronica, wisten we al langer. Op ‘Boilerism’ wordt die lijn zoals gezegd verder doorgetrokken dan ooit. Opener ‘Boilerbeek’ zet de toon perfect: de onrustig ratelende hi-hats knipogen naar trap, terwijl de gruizige synths op de achtergrond de donkerste hoeken van de club verklanken. ‘Boilerbeek’ vormt zo de perfecte voorbode voor de broeierige clubnacht die ‘Boilerism’ is. Innoveren, uitproberen en imponeren: ECHT! doet het met het grootste gemak. Of zoals we in april concludeerden: “de nieuwe frak zit hen als gegoten”. (Kobe)
Beluister
32. Little Simz – Flood (ft Obongjayar & Moonchild Sanelly)
Kleine Simbi toont hoe sterk ze is in het combineren van kwetsbaarheid en kracht. ‘Flood’ is een intens en emotioneel geladen nummer waarop Little Simz volledig in haar kracht staat. De productie is donker en dreigend, bijna benauwend, en past perfect bij haar scherpe en persoonlijke bars over druk, verwachtingen en innerlijke strijd. Obongjayar voegt met zijn rauwe, bijna wanhopige zang extra emotie toe, terwijl Moonchild Sanelly met haar eigenzinnige stem en attitude voor een onverwachte, bijna chaotische energie zorgt. Het nummer voelt niet gemaakt om makkelijk mee te zingen, maar vooral om mee te voelen. (Laurent)
Beluister
31. Mogwai – Lion rumpus
‘Mogwai fear satan’, ‘Take me somewhere nice’ en het recentere ‘Ritchie Sacramento’: hadden de heren van Mogwai eigenlijk nóg instant klassiekers nodig? Met ‘Lionel Rumpus’, de leadsingle van hun laatste plaat ‘The bad fire’, lijken ze volmondig “tuurlijk wel” te antwoorden. Naar Mogwai-normen duurt ‘Lion Rumpus’ zeer kort. Op nog geen vier minuten waait er een gelukzalige gitaarstorm voorbij, maar meer heeft de band niet om haar tijdloosheid te bewijzen. “Let’s do it again, please”, herhaalt toetsenist Barry Burns de hele tijd. Al heeft het bij Mogwai nooit echt rond de teksten gedraaid. Laat je liever als vanouds omver maaien door het spervuur van gitaren, mokerende drums en synthtapijten. (Kobe)
Beluister
30. Ninajirachi – Infohazard
Op het ijzersterke ‘Infohazard’ worden internettrauma’s getransformeerd tot hypnotiserende, dansbare trance. Over een combinatie van pulserende synths en housebeats herleeft Ninanjirachi de beelden die ze als tiener nooit had mogen zien. “In my dream, I saw him / The man without a head / On my screen, I saw him / When I was four and ten / I didn’t mean to see him”, laat ze niet veel aan de verbeelding over. Toch slaagt ze erin om de pijnlijke confrontatie met het verleden om te vormen tot een collectieve dansvloerervaring, waarbij de beelden van een zinderende nachtclub spontaan op je netvlies verschijnen. Eén van de meest fascinerende releases van het jaar. (Eli)
Beluister
29. Djo – Delete ya
Met ‘The crux’ leverde Djo alvast een opvallend sterk album af. Op dit album vinden we ‘Delete ya’ terug, een aanstekelijke, upbeat song die al in januari dit jaar werd geteased. Uiteindelijk verscheen het nummer als derde single van ‘The crux’ en werd het warm onthaald door het publiek. Onder de catchy melodie schuilt meer diepgang: het nummer kaart thema’s aan zoals vermoeidheid, roem en rouw, en blikt het terug op een relatie en het gemis ervan. Hoe oneerlijk het voelt dat de andere persoon vooruit kan, terwijl hij zelf vast blijft te zitten. “Oh God, I wish I could delete ya”, dus. (Jolien)
Beluister
28. Deafheaven – Winona
Deafheavens laatste worp ‘Lonely people with power’ is een heuse krachttoer. Net wanneer je denkt dat je de hoogtepunten wel bent gepasseerd, word je bijna aan het einde van de rit nog getrakteerd op een heus meesterwerk in de vorm van ‘Winona’. Paul Banks van Interpol verzorgde eventjes wat spoken word op de ambient interlude ‘Incidental III’, die vervolgens naadloos in ‘Winona’ overgaat. De gitaren klinken groots – haast bombastisch – en de drums gaan genadeloos tekeer. Op 3:50 komt de glorieuze lead-melodie nog even terug en brengt je kortstondig in een staat van euforie. (Martijn)
Beluister
27. Horsegirl – 2468
“Two, four, six, eight / They walk in two’s / Da-da-da-da-da-da”: we hebben stilaan de hoop laten varen dat ‘2468’ van Horsegirl érgens over gaat. Niet dat dat veel uitmaakt, want het is vooral Horsegirls inventieve spelplezier dat hier primeert. Een aan The Velvet Underground-schatplichtige gitaarriff cirkelt rond z’n eigen as, terwijl eensimpel drumpatroontje zich herhaalt op de achtergrond. Ineens ontspoort de boel: de ‘da-da-da’s’ lijken zich eindeloos te herhalen en ook de minimalistische riff gaat in overdrive. Het klinkt misschien als een artsy vingerverfoefening, maar daarvoor is ‘2468’ te catchy, intelligent en steengoed. Indie klonk zelden zo goudeerlijk als dit jaar. (Kobe)
Beluister
26. Ethel Cain – Fuck me eyes
Hayden Silas Anhedönia legt haar alter ego Ethel Cain te rusten op de hypnotiserend mooie ballade ‘Fuck me eyes’. Ditmaal geen ingewikkelde structuren of minutenlange ruis zoals op ‘Perverts’. Wel zes minuten lang spookachtige zang die zweeft boven glinsterende eighties-synths en dromerige, reverb-rijke percussie. Thema’s als verlies, verlangen en rouw maken dit een krachtig slotstuk voor het Ethel Cain-personage. “She goes to church / Straight from the clubs / They say she looks just like her momma / before the drugs”, zingt Anhedönia. En dan te bedenken dat dit het meest toegankelijke nummer is op het 73 minuten durende ‘Willoughby Tucker, I’ll always love you’. (Eli)
Beluister
25. Viagra Boys – Uno II
Zonder overdrijven waren we eigenlijk na “I found a crouton underneath the futon” al verkocht. Doorgaans kennen we Sebastian Murphy en co als die bende schreeuwerige Zweedse punkers die iedere tent transformeren tot een oneindige moshpit. Op ‘Uno II’ lijkt het wel alsof het concept ‘pure angst’ een nadrukkelijkere plaats heeft gekregen in hun oeuvre. Hoewel de songtekst een onzinnig verhaal vertelt, fungeert deze als een metafoor voor Murphy’s innerlijke schaamte en angst voor het oordeel van anderen. Volgens de tekst wil de Kroatisch-Australische oorlogsoverlevende Bogdan hen hun tanden stelen. Tegelijkertijd hebben ze, naar eigen zeggen, als bende blanke Scandinavische mannetjes weinig te klagen. ‘Uno II’ is heerlijk tongue-in-cheek, en aangestuurd door diepe baslijnen, verwelkomen we hierbij ook met veel plezier de fluit terug in de rockmuziek. (Louis)
Beluister
24. James K – Doom bikini
Met ‘Doom bikini’ verkent James K de grens tussen clubmuziek en experimentele pop. Het nummer is broeierig en fragmentarisch, opgebouwd uit pulserende beats, vervormde vocalen en een onderhuidse spanning die nooit helemaal wordt ingelost. De titel suggereert contrast, en dat hoor je ook: lichtheid en dreiging bestaan naast elkaar. James K speelt met textuur en ritme, waardoor Doom Bikini minder een traditioneel lied is, maar meer een sfeer of momentopname. Het resultaat is intrigerend, ongemakkelijk en opvallend eigenzinnig. (Ewout)
Beluister
23. Nilüfer Yanya – Cold heart
De ‘Dancing shoes’ ep van Niilüfer Yanya bevat slechts vier nummers, en toch staan er twéé van de beste songs van het jaar op. De hoogst genoteerde is ‘Cold heart’. Op de bitterzoete, in winterzon badende song bezingt Yanya een verscheurd hart met een heel treffende tekst “Heaven knows the way you hold me / Let ‘em know I feel this lonely.”. De strijkers en de eenzaam echoënde gitaren op het einde versterken dit gevoel alleen maar. We hopen van harte dat Nilüfer binnenkort het geluk mag vinden. Verdorie, als ze zo’n nummers blijft schrijven dan vinden we het stiekem niet erg dat er al eens een hart gebroken wordt. (Jonas Vda)
Beluister
22. Wednesday – Townies
“Catchin’ up with the townies”: in het begin van single ‘Townies’ brengt Wednesday-frontvrouw Karly Hartzman een bezoekje aan haar oude jeugdvrienden. Wat een fijn uitje zou moeten worden, ontaardt al snel in een braspartij vol achterklap en akkefietjes: “You had connects to get us high and then you sent my nudes around/I never yelled about it, cause you died”. Het beeld dat Hartzman van de Amerikaanse suburbs mag dan allesbehalve fraai zijn, ‘Townies’ als single is dat wél.
Alles wat van ‘Bleeds’ zo’n fantastisch album maakte (die verslavende mengeling van shoegaze en country, die tragikomische songwriting!) passeert op een dikke drie minuten tijd de revue. In februari treedt de band op in de Botanique: wedden dat ‘Townies’ hét meezingmoment van avond wordt? (Kobe)
Beluister
21. Blondshell – T&A
Op het in mei uitgebrachte album ‘If you asked for a picture’, prijkt ’T&A’ — signed, sealed én delivered door de Amerikaanse singer-songwriter Blondshell. Ik hoor je al denken: ’T&A’? Jawel, Tits & Ass. Fun fact: voor de titel haalde de Amerikaanse artieste inspiratie bij The Rolling Stones, met hun nummer ‘Little t&a’. Blondshell dropte de catchy popsong als tweede single van haar album, en dat bleek een schot in de roos. Zoals we ondertussen al gewend zijn, brengt Blondshell doodeerlijke lyrics. Het nummer neemt ons mee in haar relatie met een alcoholverslaafde man, die ze in geuren en kleuren beschrijft. Blondshell en haar eerlijkheid: het blijft een match made in heaven, en ’T&A’ kan dit alleen maar bevestigen. (Jolien)
Beluister
20. Maria Somerville – Projections
Na een sfeervolle, instrumentale opener, wordt Maria Somerville’s nieuwste plaat ‘Luster’ echt in gang gezet met ‘Projections’. Een stoffige, maar indrukmakende lo-fi beat wordt vrij snel vergezeld door Somerville’s innemende, etherische zang, een prominente baslijn en akoestische gitaarslagen. Wanneer de ritmische ondersteuning halverwege het nummer wegvalt en de akoestische gitaar in de spotlights komt, wordt er een kleine koerswijziging doorgevoerd. Het lijkt alsof Somerville ontwaakt uit een droom en weer even de voeten op de grond heeft. ‘Projections’ is een prachtig voorbeeld van hoe dreampop niet op clichés hoeft te leunen en nog steeds verrassend uit de hoek kan komen. (Martijn)
Beluister
19. Just Mustard – We were just here
“Everything happens, all time, all around”, herhaalt Just Mustard-zangeres Katie Ball in het titelnummer van hun derde album. Even opsommen wat er zoal gebeurt rondom haar: een nerveuze synth struikelt het nummer binnen, het opzwepende ritme dondert voort en uit het niets lijkt er een straaljager voorbij te scheuren. Bij nadere inspectie blijkt die straaljager toch gewoon het gitaarspel van David Noonan en Mete Kalyon te zijn. Om maar te zeggen: op ‘WE WERE JUST HERE’ ontpoppen de Ierse shoegazers zich tot geluidstovenaars van de hoogste orde. Hun nieuwe sound klinkt donkerder, gevaarlijker, maar ook dansbaarder dan ooit tevoren. Benieuwd naar wat de toekomst brengt. (Kobe)
Beluister
18. Clipse – Chains & whips (ft Kendrick Lamar)
‘Chains & whips’ is één van de hardste en meest opvallende tracks op Clipse’ comeback album ‘Let God sort em out’. De donkere beat van Pharrell zet meteen de toon en geeft Pusha T en Malice alle ruimte om scherp en zelfverzekerd te rappen over macht, geld en de keerzijde daarvan. Hun oude chemie is meteen terug. Kendrick Lamar komt binnen met een sterke verse die extra spanning en energie toevoegt. Niet iedereen vindt de productie even rauw en sommigen noemen het wat te strak, maar dat doet weinig af aan de impact. Dit is Clipse op niveau, zonder franjes en zonder excuses. (Laurent)
Beluister
17. Alex G – Afterlife
‘Afterlife’ laat Alex G horen op zijn meest contemplatieve moment. De song zweeft ergens tussen folk en lo-fi pop, met een dromerige productie die perfect aansluit bij het thema van vergankelijkheid en herinnering. Alex G’s karakteristieke stem klinkt hier ingetogen, bijna fluisterend, alsof hij de luisteraar rechtstreeks aanspreekt. Kleine melodische verschuivingen en subtiele arrangementen zorgen voor een gevoel van constante beweging, zonder de rust te verstoren. ‘Afterlife’ is geen groots statement, maar een stille reflectie die juist door zijn eenvoud blijft hangen. (Ewout)
Beluister
16. FKA Twigs – Perfect stranger
In ‘Perfect stranger’ verkent FKA twigs de verleiding van vluchtige intimiteit als strategie om emotionele pijn te onderdrukken. De zogenaamde perfect stranger is een toevlucht. Iemand dichtbij genoeg voor lichamelijke nabijheid en ver genoeg om echte kwetsbaarheid te vermijden. Muzikaal balanceert het nummer tussen koele elektronica en sensuele spanning. Binnen het grijze en kille ‘EUSEXUA’-universum voelt de song als een reflectie op een diep menselijk patroon. ‘Perfect Stranger’ werkt het sterkst wanneer je het beluistert vanuit de ravecultuur. Het nummer vertaalt de logica van de dansvloer waar vreemden perfect zijn juist omdat ze onbekend blijven. Spanning, verwachting, en misschien wel een (bedoelde) lichte teleurstelling in een ontbrekende climax horen dan ook bij dit nummer. (Laurent)
Beluister
15. DITZ – Taxi man
Volgens de band is ‘Taxi man’ hun favoriete nummer om live te brengen. DITZ, de uit Brighton afkomstige band, schreef het nummer tijdens een verblijf in Keulen, Duitsland. Het nummer begint meteen met een catchy gitaarriff die je doorheen het hele nummer in beweging houdt. Naar het einde toe neemt het tempo even af, waarna het volledig ontspoort in pure chaos. Die dynamiek maakt dat ‘Taxi man’ zo’n onweerstaanbaar nummer is. DITZ is een pareltje dat nooit vergeten mag worden, en ze zijn hun forse reputatie meer dan waard. Wat een nummer (én wat een plaat) brachten ze dit jaar uit! (Jolien)
Beluister
14. Cameron Winter – Love takes miles
Een instant klassieker. Zo voelde het toen Cameron Winter – ook bekend als frontman van rockband Geese – ‘Love takes miles’ de wereld in stuurde. In een tijd waarin levenspartners vaak online worden gezocht via apps als Tinder en Bumble, laat hij horen dat echte liefde zich niet laat plannen, ze komt onverwacht en onvermijdelijk. Met krachtige lyrics als “Love will call / When you’ve got enough under your arms / Oh, oh, mama. / Love will call”, plaatst hij zich moeiteloos in het rijtje van de grootste songwriters van zijn generatie. Grian en Sam, move over – Winter’s coming. (Eli)
Beluister
13. Oklou – Blade bird
In se vormt ‘Blade bird’ zowel de perfecte brug tussen Oklou’s mixtape ‘God’s chariot’ als haar debuutalbum. De song is heerlijk simpel, maar kenmerkt toch een zoo aan fluitjes, belletjes, synth lagen en andere miniscule geluidjes die de track nog meer leven inblazen. De kenmerkende kamerpop van weleer mits subtiel gebruik van drumpads en zeemzoete elektronica vind hier op een wonderlijke manier ook hier een thuis. (Yannick)
Beluister
12. Viagra Boys – Man made of meat
Dat de Zweedse Viagra Boys het dit jaar even overnamen, is geen verrassing meer. Met hun plaat ‘Viagr a boys’ en hun indrukwekkende podiumprèsence snelden ze hun weg naar groot succes. Op deze plaat vinden we als eerste nummer ‘Man made of meat’ terug, een nummer dat bakken kritiek levert op de maatschappij. Viagra Boys hebben de ballen om ontzettend veel referenties te maken. Dat zorgt er dan ook voor dat je als luisteraar aandachtig verder blijft luisteren. Het nummer zit qua boodschap alvast goed: de teksten worden op een interessante, clevere en humoristische manier gebracht. Daarnaast wordt het nummer versterkt door de kenmerkende vocals van frontman Sebastian Murphy en het strakke instrumentale werk. Ga ervoor — luisteren maar! (Jolien)
Beluister
11. Chat Pile & Hayden Pedigo – Radioactive dreams
Vier slackers met een voorliefde voor sludge-, industrial-, drone metal en noiserock (Chat Pile) slaan de handen in elkaar met een Texaanse fingerpicking-gitarist die grossiert in sobere Americana in de geest van Bill Callahan en Ryley Walker (Hayden Pedigo). Ogenschijnlijk tegenstrijdige stijlen, die ze besluiten te vervlechten.
Zanger Raygun Busch klinkt op Radioactive Dreams opmerkelijk behoedzaam, bijna ingetogen. Pedigo’s gitaarspel voegt kleur en frivoliteit toe en compenseert zo de zwaarte die Chat Pile doorgaans cultiveert. Het resultaat klinkt precies zoals de titel doet vermoeden: grimmig én dromerig, onheilspellend maar hoopvol, traag en toch vitaal.
Jonas VL
Beluister
10. Addison Rae – Headphones on
“Wish my mom and dad could’ve been in love / Guess some things weren’t meant to last forever / I compare my life to the new it girl / Jealousy’s a riptide, it pulls me under.” Op ‘Headphones on’ kiest Addison Rae voor tekstuele diepgang en onthult ze de onzekerheid die schuil gaat achter haar glanzend imago. Terwijl 90s dance-synths en een melancholische cello de achtergrond vormen, zingt Rae ingetogen over interne worstelingen, de scheiding van haar ouders en het knagende gevoel iemand anders te moeten zijn. Haar enige toevluchtsoord zijn haar sigaretjes en een koptelefoon, waarmee ze een droomwereld creëert waarin ze – afgaande op de knappe videoclip – te paard door IJslands desolate vlaktes galoppeert. Geen bombastisch popstatement dit keer, wel een heerlijk golvende song voor iedereen die zich soms een imposter voelt in zijn eigen leven. Zo eentje die je op repeat zet, liefst van al met je headphones on. (Eli)
Beluister
9. Maruja – Look down on us
Net geen tien minuten duurt ‘Look down on us’: tien epische minuten waarin Maruja een passende muzikale bedding creëert voor verhalen over verontwaardiging, strijdvaardigheid en liefde. Het nummer opent furieus, als een door sax aangedreven versie van Rage Against The Machine. Het kapitalisme en zijn amorele kompas worden genadeloos, licht schuimbekkend, aan flarden getrapt. Enkele minuten later verschuift de toon van razernij naar introspectie. De sax initieert een soundscape van sfeervolle jazz met een zuiverend effect dat perfect zou passen in het universum van Squid of Black Country, New Road. De vraag is niet langer wat de vijand doet, maar hoe we er ons geweldloos en verbindend tegen kunnen verzetten.
Maruja steekt via liefde en mededogen de hand uit, om te eindigen waar het begon: met een vuist in de lucht, maar met een hart dat groot genoeg is om voor minstens één extra medemens te kloppen. (Jonas VL)
Beluister
8. Perfume Genius – It’s a mirror
Met ‘It’s a mirror’ toont Perfume Genius opnieuw hoe subtiel en gelaagd Mike Hadreas emoties kan vertalen naar geluid. De track voelt introspectief, maar nooit zelfmedelijdend: kwetsbaarheid wordt hier gekoppeld aan een beheerste, bijna minimale productie. Piano en synths creëren een open ruimte waarin Hadreas’ stem centraal staat, breekbaar maar vastberaden. De spiegel uit de titel fungeert als metafoor voor zelfonderzoek, maar ook voor confrontatie: wat je ziet, is niet altijd wat je wil zien.
Muzikaal bouwt het nummer langzaam spanning op, zonder ooit echt te exploderen, wat de innerlijke strijd alleen maar versterkt. ‘It’s a mirror’ past perfect binnen Perfume Genius’ oeuvre, maar voelt tegelijk verfijnd en rijper aan. Het is een nummer dat uitnodigt tot herhaald luisteren en dat telkens nieuwe details prijsgeeft. (Ewout)
Beluister
7. Model/Actriz – Cinderella
Al bijna een decennium vechten Cole Haden en co tegen toxische mannelijkheid, en op ‘Cinderella’ is dat niet anders. Een mooie middelvinger naar al wie anno 2025 nog steeds over zijn lippen durft laten glippen dat jongens niet met barbiepoppen mogen spelen. Of in dit geval, een thematische Assepoesterverjaardag houden. Model/Actriz had nooit bepaald schrik om hun gevoelige kant te openbaren, toch zijn ze op ‘Cinderella’, en ook op de rest van ‘Pirouette’ uitzonderlijk naakt en schuchter. Muzikaal dreunt de band op deze plaat iets minder hard, doch vreemd genoeg zonder intensiteit in te lossen. ‘Cinderella’ is dansbaarder dan pakweg ‘Damocles’ maar het is waltzen over een vloer van scherven.
Niet veel bands slagen erin om op deze manier op het dunne koord te balanceren tussen beeldspraakheftige poëzie en directe, non-dubbelzinnige monologen. Op ‘Cinderella’ breekt de glazen klomp op deze vlakken alleszins niet. Een verhaal van intense innermannelijke liefde gebracht met een ganâche van trauma en een kersje maatschappijkritiek. Tast toe. (Louis)
Beluister
6. Water From Your Eyes – playing classics
Op ‘Playing Classics’ balanceert Water From Your Eyes voortdurend tussen ironie en oprechte emotie. Het duo uit New York vertrekt vanuit ogenschijnlijk vertrouwde indierockstructuren, maar ondergraaft die net zo snel met onverwachte elektronische wendingen, vervormde vocalen en speelse productiekeuzes. De titel is misleidend: dit zijn geen “klassiekers” in nostalgische zin, maar fragmenten van stijlen en stemmingen die botsen en versmelten.
Nate Amos’ producties voelen bewust onaf en grillig aan, terwijl Rachel Brown zich vocaal beweegt tussen afstandelijke cool en kwetsbare intimiteit. De songs lijken soms te ontsporen, maar vinden telkens een nieuw evenwicht, wat het album een rusteloze energie geeft. ‘Playing classics’ klinkt als een band die weigert zich te laten vastpinnen op één identiteit en juist kracht put uit die voortdurende transformatie. (Ewout)
Beluister
5. Geese – 100 horses
‘100 horses’ trapt af met een hectische, bijna stotterende post-punk jam. Een explosie naar een chaotische uiting van frustratie waarbij zanger Cameron Winter het uitschreeuwt is niet veraf. Ondertussen is het tempo al drie keer gewisseld, schieten de gitaren alle kanten uit en is je voet nog aan het stampen op de verkeerde snelheid. Kortom, dit nummer straalt de energie en chaos uit van honderd galopperende paarden. Of misschien 124. (Eva)
Beluister
4. Turnstile – BIRDS
De band uit Baltimore is de hotste band van het jaar – sorry, Geese. Toen de band ‘SEEIN’ STARS / BIRDS’ begin dit jaar dropte, klikte er iets. Nooit gedacht dat het zoemende geluid van een versterker je zulke adrenaline rush zou kunnen bezorgen. Filmpjes van hun knotsgekke shows laten ook blijken dat iedere moeder, zoon en schoothond weet wanneer dat gezoem wordt ingezet dat er een monster van een moshpit binnen goed dertig seconden zal volgen en je gevoelssprieten beter schrap zet om je volle gewicht mee in de strijd te gooien.
Het nummer verzandt overigens niet in een potje modder gooien, maar in het tweede deel van de track schraapt frontman Brendan Yates nog eens flink z’n keel alsof hij dan al wist dat dit nummer elke festivalweide die men zou aantreffen met de grond gelijk zou kunnen maken. En de rest is geschiedenis. (Yannick)
Beluister
3. Anna Von Hausswolff – THE ICONOCLAST
De intro van ‘The iconoclast’ bestaat uit aanzwellend gehijg die begint te denderen als een locomotief eens de grootse percussie, blazers en andere instrumentatie invalt. Het geheel klinkt waarschuwend om dan tot een plotse heropbouw te komen, en daar is ze: de krachtige, hoge, gebiedende stem van Anna von Hausswolff. Ondertussen zwengelen elektronica, percussie, gitaren en meer verder aan tot een kolkend geheel.
Von Hausswolff graaft op ‘The iconoclast’ – net als op de rest van de plaat – nietsontziend naar de pure essentie van het leven: “Be pure and be wild for your soul / And ask for forgiveness / And let things go”. Anna von Hausswolff predikt puurheid in een overdadige verpakking en het werkt wonderwel. ‘The iconoclast’ is een krachttoer van een dikke elf minuten die liefde en begrip naar het voorplan duwt op bombastische wijze. Naar het einde komt de catharsis, in de vorm van de terugkerende vraag: “Can I protect you?”. Iconoclasme klonk nog nooit zo persoonlijk én aanlokkelijk. (Jonas Vda)
Beluister
2. Turnstile – NEVER ENOUGH
Met gebalde vuisten en benen die als een ongecontroleerde silly walk alle richtingen uitgaan een zo groot mogelijke spanwijdte beogen. Dat is het beproefde recept voor de obligate frontstagebeweging bij een hardcoreshow. Turnstile timmert en experimenteert al vijftien jaar binnen dat genre, met het melodieuze ‘NEVER ENOUGH’ als hun meest toegankelijke en populaire wapenfeit. Wie Turnstile via deze single leerde kennen, zou kunnen denken dat de intro door Tame Impala werd geïnspireerd en dat het gespierde middenrif netjes binnen de lijntjes van de popcultuur blijft. Ons advies: zoek toch even een livefragment op voor je je deze zomer in de voorste regionen van een willekeurige festivalwei — bijvoorbeeld in Kiewit — waagt.
Kwade tongen zouden kunnen beweren dat Turnstile met ‘NEVER ENOUGH’ haar hardcore roots verloochent. Maar is het niet net punk en hardcore om je te verzetten tegen de druk van de buitenwereld? “NEVER ENOUGH’ gaat over zelfbescherming tegen kritiek en de verstikkende last van verwachtingen. De paradox wil dat Turnstile net dankzij dit nummer overal gelauwerd wordt.
‘NEVER ENOUGH’ is gepolijst, zonder rafelranden, maar met een enorme anthem feel. Tegelijk is het nummer brutaal genoeg om te blijven verrassen: bombastische riffs, strak getimede breaks, een ambient outro van twee minuten en die laatste tien seconden die op plaat naadloos overgaan in ‘SOLE’, maar in de radioversie abrupt worden afgekapt. Trouwens nog een laatste shout-out voor de prominente gitaarsolo — een verdrongen stukje muziekgeschiedenis dat Turnstile eigenhandig weer oppoetst. Turnstile is meer dan ‘NEVER ENOUGH’, maar deze single gaat even lekker binnen als koffie en koeken op de ochtend na een pittige hardcore show. (Jonas VL)
Beluister
1. smerz – You got time and I got money
‘You got time and I got money’ laat iets veel brutaler vermoeden dan wat het nummer eigenlijk is. Geen arrogantie of omkoperij, wel een simpel liefdesnummer van het Noorse duo dat zich uitrekt als een zondagse lenteochtend, vol potentieel van wat er kan groeien. Van heel beleefd te vragen naar wat bloot vel tot appreciatie voor de schoenen van de tegenpartij of de restaurants die die uitkiest, ‘You got time and I got money’ vertelt heerlijk naïef en gevoelig de reis van verliefdheid naar meer. Zonder te veel franjes, al geven de strijkers op de achtergrond wel een mooie glans.
De stem van Catharina Stoltenberg is een tikje bedeesd, spelenderwijs en verleidelijk klinkt ze steeds een beetje gekker van de geadresseerde. Is er iets mierzoeter dan ontluikende liefde? “Put your hands on my body”, vraagt Stoltenberg ergens tussen verlegen en uitdagend aan de start. ‘You got time and I got money’ is sensueel zonder al te hard te proberen. Smerz heeft tijd genoeg om alles zijn gang te laten gaan en stil te staan bij de details die zoveel mooier worden eens er een blik van liefde op valt. Zoals ordinaire propere t-shirts, Stoltenberg en Motzfeldt weten wat ertoe doet in opverende harten. (Sarah)
Beluister


