King Krule kroont zich koning van de eenzaamheid met ‘The OOZ’

door Geerhard Verbeelen

Amper zestien was Andy Marshall toen hij voor het eerst van de roem proefde. Drie jaar later lanceerde zijn debuutalbum ‘6 feet beneath the moon’ onder alias King Krule hem definitief richting sterrendom. In 2015 maakte hij het experimentele ‘A new place 2 drown’ onder zijn eigen naam, en daarna bleef het stil. De rosse knul bleek even schuw als Frank Ocean en beleefde een moeilijke periode. Hij kon zich moeilijk identificeren met zijn nieuwe rol als bekendheid, als middelpunt van de aandacht. ‘The OOZ’ is zijn ultieme poging om het gapende zwarte gat achter zich te laten.

Andy Marshall zingt poëtische zinnen over spookachtige beats, al is zingen veel gezegd. Woorden zijn schaars, maar zorgvuldig gekozen, geen letter of klank te veel. Wanneer zijn diepe crooner stem over een jazzy achtergrond van ‘Cadet limbo’ glijdt, duikt Chet Bakers geest even op. Het album is een naar de keel grijpende en diepgravende zoektocht naar eigenheid. Ondanks zijn jeugdigheid, is zijn ziel getormenteerd. Hij kreunt onder het gewicht van de wereld en zoekt naar een uitweg. In titeltrack ‘The OOZ’ klinkt het bijna letterlijk: “Is anybody out there? Hello?” De liefde is een mogelijk antwoord, al brengt ook die soms vertwijfeling met zich mee.

‘The OOZ’ kreeg vorm in het Zuid-Londen waar hij opgroeide, en dat is duidelijk hoorbaar. “I saw some crimes when I was young and now my brain is gunk”, zingt hij in ‘Vidual’, met dezelfde grimmigheid als Stormzy en Skepta – niet geheel toevallig ook afkomstig uit diezelfde regio. Er zit daar precies heel wat verbetenheid in het drinkwater. Bovendien spelen de nummers in op het gevoel van eenzaamheid in een metropool. Van anoniem te zijn in de massa. Je kent die filmscènes wel waar iedereen in een flits over straat beweegt en het hoofdpersonage te midden van de chaos stokstijf stil blijft staan. ‘Czech one’ is de perfecte soundtrack voor zo’n scène. “I said you know where I’m coming from / And she looked me in the eye / Loverboy you drown too quick / You’re fading out of sight”.

Toch klinkt de Londenaar niet volledig wanhopig. Dit is geen noodkreet: daarvoor etaleert Marshall te veel innerlijke rust in zijn schijnbaar rusteloze toestand. Hij stelt dat het niet erg om soms eens droevig te zijn. “I’m not in the mood, but I gotta move”, zoals hij het zelf verwoord in ‘The locomotive’. Het schrijven werkt therapeutisch voor hem en fungeert als veilige cocon in de puinhoop die het leven soms lijkt. Getuige daarvan zijn de snedige songs als ‘Half man, half shark’ en ‘Dum Surfer’ of de schim van optimisme in afsluiter ‘La lune’. Om je toch niet helemaal wenend de koude nacht in te sturen.

‘The OOZ’ is een potig project. Negentien nummers lang zwoegt de loner zich doorheen de plaat. Dat moet je als luisteraar ook doen. De ware schoonheid ervan ontdek je niet na een enkele luisterbeurt. Laagje voor laagje onthult de twintiger zijn persoonlijkste gedachtes, zijn demonen en angsten. Het is duidelijk een album dat hij zelf absoluut wou maken, zonder na te denken over commerciële elementen of verwachtingen van wie dan ook. Sommigen zullen ‘The OOZ’ daarom niet toegankelijk genoeg vinden, en ze hebben een punt. Het is een bonte verzameling van genres en stijlen met hier een daar stukjes jazz, het ontoegankelijke genre bij uitstek. Het mag dan wel vormeloos zijn, toch houdt het steek. De ongecontroleerde pianoriedeltjes, scheurende saxofoons of wazige en wegijlende gitaarriffs vertalen net wat hij in zijn teksten wil weergeven. Ze representeren de wanorde, het isolement en de onzekerheden van King Krule. Zo kan je elk nummer afzonderlijk zien als deel van het geheel. ‘A slide in (new drugs’) lijkt een duister gedachte-experiment en omvatten de interludes ‘Bermondsey (left)’ en ‘Bermondsey (right)’ dezelfde distantie als de rest van het album.

Op het eind van ‘Cadet leaps’ is een stukje in het Tagolo te horen, een taal die op de Filippijnen gesproken wordt. Van vervreemding gesproken. Die king staat daar niet toevallig. King Krule is de koning van de eenzaamheid. Als een koning zo weergaloos, zo weergaloos alleen, om met de woorden van Spinvis af te sluiten.

King Krule speelt maandag 11 december in De Roma (info & tickets).