De blik naar het noorden: tien Nederlandse gitaarbands die je misschien nog niet kent (maar wel wil léren kennen)

door Gilles Dierickx

Gisteren vierden de noorderburen Koningsdag, ofte hun nationale feestdag. Misschien wist je dat niet – de voeling met onze taalgenoten stelt soms maar bitter weinig voor. Ook op muzikaal vlak valt daar iets voor te zeggen: je zou erover verbaasd zijn wat er boven ons allemaal broebelt, en dan hebben we het niet over Kensington of Within Temptation. We gingen voor een keertje dieper graven, en kwamen uit bij tien bands die allen ergens op het kruispunt staan waar indiepop, garagerock, postpunk en psych samenkomen. Elk met een eigen geluid, maar in onmiskenbare connectie met elkaar – en om het helemaal af te maken, brachten ze stuk voor stuk een recent album uit.

De kans is groot dat je wél al van Mozes and the Firstborn (foto) hoorde. Het viertal uit Eindhoven mocht al mee op tour met UMO en Together Pangea en tekende meermaals bij Burger Records voor z’n releases. Onlangs kwam daarop nog ‘Great pile of nothing’ uit, een plaatje vol licht psychedelisch garagepop en melancholische nonchalance.

PAUW is nog zo’n band die al aanzienlijke stappen zette op korte tijd (lees: supports van Temples en Kasabian en plekjes op Lowlands, Down The Rabbit Hole en zelfs Lisbon Psych Fest). Voor het moment lijkt de band in België nog wat moeilijker z’n zegje te kunnen doen, helaas – nochtans is hun debuut een pareltje aan psychedelica, zweverige bluesrock en aanverwante geestverruiming.

Ook Bombay is de kleinste niet meer: zo stonden vorig jaar Dour en Glimps op hun Belgische palmares. Na een intense reeks shows met debuut ‘Show your teeth’ beslisten de indierockers eind 2016 plots om er een (voorlopig?) punt achter te zetten – tot de reünie geven we je nog graag dit aanstekelijke, melodische ‘Bleach’ mee.

Tijd voor wat steviger spul nu, in de vorm van traumahelikopter. Dat Groningse drietal rekent Burger ook z’n tot vaste stal en tourde al meermaals door de VS. Toch geniet de band vooral over de moerdijk een aanzienlijke live-cultreputatie. Niet moeilijk: de combo van een rechtstaande drummer met twee gitaristen wekt de interesse voor noot één. Drie platen op vier jaar tijd worpen ze, en hoewel de ruigheid er op de laatste wat vanaf geborsteld werd, klinkt alles nog best puur en punchy – bewijze dit aan Bass Drum Of Death-schatplichtige ‘Sleep tight’.

Meer garagerock slingert Iguana Death Cult ons tegen de tanden. Het Rotterdamse kwartet bracht nog in februari z’n debuut uit, waarop het fuzzy en lofi geluid van de band niet al te subtiel lonkt naar surf en 60’s psychrock. Iguana krijgt ondertussen voet aan de grond in Frankrijk en de UK: het duurt wellicht niet lang meer eer je ze bij ons ook regelmatig zal zien opduiken.

We blijven nog even in Rotterdam hangen, want ook Rats On Rafts heeft z’n repetitiehok in die havenstad staan. Snelle postpunk, krautrock en flarden freejazz worden door de mangel gehaald, tot er een uniek en beklijvend geheel overblijft. Na twee platen sloeg Rats On Rafts vorig jaar de handen in elkaar met de Nederlandstalige cultband/fanfare De Kift, om elkaars songs te bewerken op een split-lp. Bizarre combo en moeilijk te beschrijven, maar het klinkt verdomd vet.

Op naar de hoofdstad dan, waar we op méér psychedelica stuiten. Het mooie weer in die Amsterdamse scene wordt onder meer gemaakt door The Mysterons. Na een ep’tje en passages op The Great Wide Open, Lowlands en Noorderslag bracht het vijftal in februari zijn eerste langspeler uit. ‘Meandering’ is een titel die quasi alles al samenvat: nu eens worstelen ijle riffjes zich rond een groovy ritmesectie, dan weer legt de gitaar een Oosters dekentje over het geheel (check ‘Turkish Delight’). De zweverige songs worden op de koop toe al-tijd versierd door de unieke, Björkish vocals van Josephine van Schaik – boeiend geheel, op z’n minst.

Verder in Amsterdam tegen het lijf te lopen: Canshaker Pi. Het punky indieviertal luisterde aandachtig naar Parquet Courts en Cloud Nothings, al ga je op hun titelloze debuut weinig copy-paste horen: het noise-laagje dat de boel omrandt maakt alles net dát tikje interessanter. Onlangs toegevoegd aan de affiche van Best Kept Secret – het is maar wachten tot het moment dat Pukkelpop daar bijkomt.

Meer gerammel vind je ook dichter bij de grens, in Eindhoven. Daar houdt Lookapony zich schuil, een garageband die sinds februari z’n debuut ‘Ha-satan’ uit heeft. Naast de rechttoe-rechtaan groove en vuile gitaartjes is het vooral de stem van Jasper Grave die Lookapony uit de dertien-in-een-dozijnkuil haalt: lichtjes hees, nonchalant melodisch en vooral heel oprecht – wat eigenlijk geldt voor de hele sound van de band.

Toen we lazen dat ze uit Dokkum afkomstig zijn, klonk een bandnaam als The Homesick even vreemd: wie kan er in godsnaam heimwee hebben naar een stadje in Friesland? Anyway, de kereltjes – amper 20 – weten wél hoe je leuke psychedelische pop in elkaar flanst. We vallen in herhaling, maar ook zij hebben sinds dit jaar hun eerste plaat uit, en die moet je gewoon dringend opleggen – John, Ringo, George en Paul zouden trots zijn.